donderdag 21 maart 2013

Hoe het met dat huis is gesteld?


Met deze woorden in gedachten gingen wij een tijdje geleden met de verbouwingen van start. Een tijdje geleden is misschien een understatement. Een jaar of twee is nu niet bepaald nog 'een tijdje' te noemen. Achteraf gezien hadden we beter een andere leuze gekozen. Iets als 'wat ge zelf doet gaat sneller vooruit' waarop karma niet zo hard had backgestriked.
Pasop, niet dat wij daar niets uitvreten, wij spenderen daar veel tijd aan trial and error, met geleidelijke winst. Dat klinkt bijna als een belegging. Dat huis bleek wat meer renovatie nodig te hebben dan oorspronkelijk gepeinst.  De laatste maanden was het  wat minder trial en wat te veel error en daar ga ik van vloeken, zeg ik U!

Het moet begin december geweest zijn, ik in volle thesis-strijd en Het Lief in dat huis dus.
 
Zij: -neemt de telefoon op want dat blijkt zo te gaan als ge dingen in italic typt- 'Ha Lief, hoe gaat dat ginder, schiet ge wat op?'
Hij: -met donkere stem- 'Neen.'
Zij: -voelt de bui al hangen maar doet nog een verwoede poging tot misplaatste humor- 'Weer op uw vingers geklopt dan?'
Hij: 'Was het dat maar! Dat regent hier langs alle kanten binnen!'
Zij: -herinnert zich iets over buren die een zadeldak gingen plaatsen en gebeld hadden of ze de schouw mochten afbreken waarop Het Lief had geantwoord dat hij dat liever niet besprak terwijl hij in het buitenland zat en vriendelijk had verzocht de werken uit te stellen tot nader overeenkomst in het daaropvolgende weekend- 'Miljaar, ons schouw of wat?'
Hij: 'Neen, het lekt vanvoor en vanachter en met de emmers tegelijk.'


Waarop zij dingen uitkraamde die niet bepaald voor publicatie vatbaar zijn.
Waarop hij zoals gewoonlijk ijzig rustig bleef.
Waarna de aannemer werd verzocht zijn stelling van het vernielde dak te halen.
Waarop de aannemer een lapmiddel aanbracht en vervolgens van de aardbodem verdween.
Waarna de verzekering een spelletje van het kastje naar de muur speelde.
Waardoor er nu een externe expertenfirma mee bezig is en ons dak - drie maanden na datum- nog steeds lekkage vertoont.

Als ik nu zeg dat onze kelder ineens ook wat last kreeg van natte voeten dan vergeeft U mij misschien mijn tanende enthousiasme om de voortgang hier wat te demonstreren.

Maar bon. In juni vertrekt Het Lief vier maanden richting Libanon, dus dat huis moet af. Hoezeer ik Hotel Mama ook waardeer, dat is niet de meest geschikte plek om 4 maanden militaire weduwe te gaan spelen. Ik jank dan bij gelegenheid eens wat af en ben bij vlagen niet voor rede vatbaar, voor de rest zijn we dat intussen wel gewoon.
Er wordt hier tussen de tegenslagen door toch nog stevig doorgewerkt op de verdieping die tot op heden nog de minste hiaten vertoonde: 't gelijkvloers.
De afgelopen maand zetten wij muren, kreeg ik een hamer op mijn kop, verniesden wij ons bekans van de hoeveelheid isolatievezels die onze neusgaten passeerden -om over de jeuk nog te zwijgen- maar het was het allemaal waard want onze werf wordt achter ons uren een huis.







De hal, het toilet, de keuken, de bergruimte en de traphal krijgen vorm. De living bestaat uit den overschot, dus technisch gezien krijgt dat ook vorm. Ik waag mij tegenwoordig wel eens aan een plamuurselken, dat heeft wel wat voeten in de aarde want dat is precies niet simpel en duidelijk niet uitgevonden door een vrouw.

Intussen schuim ik het net af op zoek naar potentiële kleurencombinaties die mijn haar niet doen recht komen en mijn relatie niet doen stranden.

Het leven van een verbouwer is schoon zeggen ze.
Volgens mij geldt dat alleen als't af is.

maandag 11 februari 2013

Sjaal met opties.

Om het verhaal kort te maken: ik zag dit bij haar en ik deed er mijn eigen ding mee.








We hadden nog ergens wat achterstallige Nieuwjaarsboodschappen over te brengen, en dat neem ik altijd serieus. Toen er namen werden getrokken was ik blij met de vrouw die op het briefje stond, wat koop je voor mannen, begot? Ik kan er nooit aan uit en het Lief in omgekeerde richting ook niet, dus kochten wij elkaar dit jaar niets en dat was genoeg. Wij leven van de liefde. En ook wel eens van de sushi.

Soit, ik wijk af. De sjaal dus. Ik vertoefde voor de zoveelste keer in de Stoffenkamer toen mijn oog op deze stof viel. Een meter nonchalante chevrons werd een sjaal met opties. Omdat ik A. nog nooit met een cirkelsjaal zag, wilde ik beide mogelijkheden behouden. Ik zette vijf lusjes aan het ene eind van de sjaal, vijf knoopjes aan de andere kant. Zo kan ze ermee doen wat ze wil. Losjes twee keer rond haar hals, iets strakker lukt ook 3 keer.

Voor gedragen-foto's was het wat te donker, ik hoop dat binnenkort eens in orde te brengen.
Tot mijn grote spijt besloot de flits van mijn toestel dat het zijn/haar? moment was, want wat ik ook deed, het ding bood tegen mijn goesting zijn diensten aan. Het was te nemen of de gevreesde error, de keuze was snel gemaakt. Er was ook enige tijdsdrang, ik moest de sjaal last-minute afwerken want we hebben het (nog steeds, zucht) wat druk in dat huis. Binnenkort werk ik u daar wel eens in bij.




woensdag 23 januari 2013

Murphy.

In mijn hoofd gaat dat zo:

- Een ongeplande patiënt op een reeds overdrukke maandagochtend: must be Murphy.
- Een storing in een broodnodig toestel op diezelfde maandagochtend: daar heb je Murphy weer.
- 's Avonds doodmoe in de zetel ploffen en merken dat uw schouder pijn doet: Murphy bloody hates me.
- Aan diezelfde schouder voelen en in de richting van uw borst een knobbel voelen: ABSOLUTE COMPLETE ONGEËVENAARDE PANIEK JONG!

In tien seconden tijd overzag ik mezelf tijdens het krijgen van een diagnose, mijn haarverlies bij de chemo, de reactie van mijn beste vrienden toen ze het nieuws vernamen. Verder wist ik perfect welke muziek op mijn begrafenis moest. Maar ik wist gedomme niet hoe ik Het Lief zou achterlaten.

In diezelfde tien seconden moet mijn maag van onder tot boven in mijn romp zijn bewogen, met een lichte twist ergens halverwege.

De daarop volgende uren (lees: in bed) durfde ik niet te bewegen omdat het als het in mijn lymfe zat misschien wel eens zou kunnen uitbreiden over mijn hele lijf.
Nu mag ik het geluk hebben (diezelfde Murphy?) dat ik werk bij twee dokters die over een echo-machine beschikken. Ik dank de uitvinder van dat toestel op mijn blote knietjes (en daar zit niet al te veel vet op) voor de optie die het toelaat om abcessen van tumoren te onderscheiden. In mijn hoofd ging dat als iets wat op 'verrekte schijtluis' moet geleken hebben.

Ik voel mij intussen behoorlijk klein naast iemand die ooit dergelijke akelige diagnose heeft of zal ontvangen, dat moet ware hel zijn en - meer nog- ik schaam mij dood. Maar ik maak u écht geen blaaskens wijs als ik zeg dat mijn bangste 12 uren ooit waren.

Ligt dat aan mij, die paniek? Ben ik een beetje hypochondrisch? Is dat iets vrouwelijks, of meer nog, iets menselijks?

Ik smeer intussen zwarte zalf en bereid mijn gestel voor op een ferm schot antibiotica. Zou U mij geloven dat ik dankbaar ben om dat abces?


vrijdag 18 januari 2013

Dat (P)Rinseke.

Tweede kerst, voor velen een dag om te bekomen van de gepasseerde feestdrukte. Voor mij ook, normaliter. Maar dit jaar begon tweede kerst vroeg. Heel vroeg. Mijn ogen plakten nog toe toen ik werd gewekt door twee kabouters. Om over Het Lief nog maar te zwijgen. Die kabouters vertoonden tekenen van nervositeit aangezien de oudste de dag voordien langs haar neus weg had geraden wat er tweede kerst op het programma stond. Een baby begot.

Die baby, dat is nu mijn metekind. Mijn hart wordt zo week als een spons telkens ik dagdroom over knuffelsessies met het kleine dropje. Kleine Rinse, zo lang verwacht, en ineens was hij daar. Sinds hij er is draag ik titel en verantwoordelijkheid. Het voelt verdorie goed.

Dat kleine ventje kon niet worden ontvangen zonder hippe accessoires. Die jongen is nu éénmaal gezegend met twee toffe meters die weten wat cool is. Of dat op z'n minst toch beweren. Ik sloeg dus aan het haken, na uren grasduinen op Pinterest vond ik wat ik moest hebben. Een gratis patroon voor een schattig vestje en een zoniet nog schattiger eikel-mutsje. Twee bolletjes zachte wol en 't was gepiept.

Met dank aan Rembert, a.k.a. de papa voor de foto's.




Zie dat tjoepken!

Lieve Rinse, bloei, leer, ontwikkel en word een in-fijn mens, maar groei alstemblieft niet te snel uit uw schattige kleren. Uw meter dankt U.

Ps: Tips voor het snel kwijtgeraken van een dubbele kin zijn altijd welkom.

maandag 14 januari 2013

2013: Het jaar van Atelier 'Nee'

Zomaar van blognaam veranderen en verder niets van U laten horen, dat is niet proper. Ik hoor het U al peinzen. Ik beken en geef mij over, het is hier wat stil geweest. Ik weet niet of u zich daaraan ergerde, maar ik had daar nood aan. Even niets moeten, dat is een deugdelijke zaligheid.

Het begon in september, toen we van India kwamen en 't een en 't ander moesten verwerken. Dat ging dan naadloos over in oktober, toen ik fulltime aan de slag ging en hondsmoe 's avonds thuiskwam. Dan was er november, met veel energie maar geen licht om over naar huis te schrijven, laat staan om foto's te trekken. December startte goed met het indienen van een thesis en een schat van een metekind (krijgen, niet indienen), en eindigde in lichte mineur toen er verbouw- en gezondheidsproblemen opdoken.
Balans van 2012: niet voor in de boekskes en content dat 't voorbij is

Een deel van de (georganiseerde) chaos heb ik uiteraard aan mezelf te danken. 'Een deel' is eigenlijk dan nog te bescheiden uitgedrukt. Op één of andere manier slaag ik er dag na dag, week na week in om mensen zaken te beloven die ik met volle goesting wil uitvoeren, maar waar het me eigenlijk aan tijd ontbreekt. Dat moest maar eens gedaan zijn, declareerde Het Lief. Dus 2013 wordt het jaar van de nieuwe start. Rust in mijn hoofd, rust in mijn leven, en hopelijk rust in huis eens we verhuisd zijn.

Dus ja, ik verbouwde de boel hier een beetje. Die rust, die wil ik overal, te beginnen bij mijn geesteskind. 'Sieselaajn' zorgde al van bij de start voor bijzonder vermakelijke taferelen toen vrienden en kenissen pogingen ondernamen mij aan te spreken bij mijn blognaam. Blijkbaar is fonetisch taalgebruik toch ook niet altijd jedat. Ik speelde al een tijd met het ampersand, gewoon omdat ik dat een wreed schoon leesteken vind. En omdat ik hier gewoon mijn goesting kan en mag doen, heb ik daar van geprofiteerd. 'Atelier Ampersand' wordt de start van mijn kruistocht naar orde. En ja, ik zeg NEE. Nee tegen alles wat niet moet en niet prettig voelt, nee tegen al dat hooi dat ik niet op mijn vork zal scheppen.
U mag gniffelen. Ik besef net zo hard als U dat dat hier niet van een leien dakske zal gaan. Maar zo hoort dat nu eenmaal bij voornemens. Luid roepen als ge eraan begint, maar stil zwijgen als ge na 2 dagen grandioos de mist in gaat.
Ik eindig mijn pleidooi met het opengooien der registers: mijn naam is Celine en daar zal ik voortaan ook mee tekenen. Weet U dat ook ineens.

U hoort in de toekomst dus terug meer van mij. Ik heb namelijk nog wat achterstallig blogwerk. En nu dat hier staat moet ik dat maar doen ook. Wat peinst ge daar van?

Dan rest mij nog de sociaal verantwoorde taak jullie allemaal een fijn maar bovenal creatief jaar te wensen. Ik ben al benieuwd te lezen wat jullie voor 2013 in petto hebben.

Tot later,

Celine